22. mrt, 2018

Ben ik nu aan de drugs ?

Om half 8 kwam mijn gids me ophalen. Wat een bedrijvigheid is er dan al in zo’n stad. Er zijn hier 40.000 taxi’s op een bevolking van 1,5 miljoen. Je hebt de officiële taxi’s, dat is ongeveer een kwart en de overige hebben meestal een gewone baan en proberen er wat bij te schnabbelen. Wat ook zo vreemd is dat het vliegtuig eigenlijk midden in de stad ligt.

Kreeg nog een lesje over Araquipa. Eigenlijk is het de tweede stad die zo heet. In 1540 was er een stad met die naam aan de Pacific Ocean maar daar braken ziektes uit, meegebracht door de Spanjaarden, en maar heel weinig mensen overleefden deze ziektes.

De overgeblevene zijn toen de binnenlanden ingetrokken en hebben op de plaats waar nu Araquipa ligt een nieuwe stad gebouwd.

Dit zou overigens ook een verklaring kunnen zijn waarom het de Witte stad wordt genoemd want de overlevenden zagen er heel slecht en bleekjes uit.

Gisteren konden we de 3 vulkanen die om het stadje liggen nauwelijks zien vanwege de mist vanmorgen daarentegen lagen ze te pronken in de zon. Met in hun midden Misty, de gevaarlijkste. Alle vulkanen hier en dat zijn er heel veel liggen op de Pacific Ring of Fire. De bewoners in Araquipa hebben het liefst dat ze minimaal 1 keer in de week een kleine schok voelen. Dat is een teken dat de tektonische platen over elkaar heen schuiven. Als dat niet het geval is worden ze een beetje ongerust want dan gaat op enig moment de plaat met een ruk over een andere plaat en ontstaat er een aardbeving. Ze zijn er echter heel erg nuchter onder, dus waarom zou ik me dan druk maken.

De voornaamste bron van inkomsten is goud, zilver, koper en veel fruit en groente en niet te vergeten het toerisme Het meeste, vooral de goederen uit de mijnen, wordt vervoerd per trein en je ziet dan ook locomotieven met een eindeloze rij containers erachter die de goederen naar de haven aan de Oceaan brengen. Onderweg komen we een aantal imposante cementfabrieken tegen.

Goed we zijn langzaam via Yura, een heel ruig gebied met bergen en ravijnen naar Pampa Cañahuas in het Aguada Blanca Nationaal Reservaat gereden. Hele kuddes met guanaco’s en vicuñas zijn daar. We zitten dan al op 3800 meter en ik heb al een keer 7 coca leaves samen met een stukje alkaline moeten kauwen. Daar moet je zo’n 8 minuten op kauwen en dan uitspuwen. Helpt tegen eventuele problemen bij grote hoogte.

Ik had de neiging om in slaap te vallen maar werd iedere keer wakker gemaakt want dat is niet goed. Je lichaam blijft dan namelijk in de situatie waarin het verkeerde op het moment dat je in slaap valt. Word je dan op grote hoogte wakker dan heb je een probleem.

Via de bergdorpjes Viscachani, Pampas en Tocra, daar moet je je niet te veel van voorstellen het zijn meer een paar hutjes die bij elkaar staan, zijn we naar de krater van de Chucura vulkaan gereden en zijn we verder gestegen.

Onderweg stoppen we nog een keer en drink ik matte (ook wel mate) muniol, ook al tegen hoogteziekte. Ben ik nu aan de drugs ?

De begroeiing is dan matig en beperkt zich eigenlijk tot een soort vlijmscherp helmgras dat 2 cm per jaar groeit en ook nog een bruinachtig soort mos.

Boven op de pas bij Patapampa zitten we boven de 4.900 meter. Ik heb er weinig last van en als mijn gids voorstelt om een stukje te lopen en naar een heel aparte plant te gaan kijken, twijfel ik ook geen moment.

We lopen heel langzaam en komen uit bij  een veldje waar de Yareta groeit. Ziet er uit als lichtgroen mos met minuscuul kleine gele bloemetjes. Het groeit 50 jaar lang een centimeter per jaar en daarna een millimeter in de 10 jaar.

Intussen heb ik behoorlijke honger en eerlijk gezegd ben ik moe. Na de lunch rijden we eerst naar het hotel in Chivay. Deze plaats ligt in de Colca vallei en heeft pre-Columbiaanse akkerterrassen, die nog steeds door de oorspronkelijke bewoners, de Collaguas, bewerkt worden. Heeft iets weg van de rijstvelden in China.

De gids en de chauffeur slapen in een ander hotel. Ze droppen mij en brengen alles naar mijn bungalow en we spreken af om 4 uur verder te gaan. Even een kleine siësta.

Daarna zijn we naar de warmwaterbaden van La Calera gegaan. Het water is er groen en heel zwavelrijk en werd heel lang geleden door de Inca’s gebruikt als geneesmiddel tegen allerlei huidziektes. De temperatuur is 38 graden. Heerlijk en erg goed voor mijn rug want daar heb ik, na een verkeerde manoeuvre met mijn koffer, behoorlijk last van. Daarna terug naar mijn hotel waar ik een body-massage had afgesproken en dan maar op tijd naar bed want morgenochtend word ik om 6 uur opgehaald. Ben ook moe komt toch denk ik van de hoogte.